Direct naar paginainhoud

15 augustus 2026 - Speech Indië-herdenking

Speech tijdens de Indië-herdenking door burgemeester Hein van der Loo op 15 augustus 2026.

Lieve mensen wat een mooie opkomst op deze 15e augustus 2026. Uniek ook wel Commissaris van de Koning hoe wij dit samen doen en dit een Provinciale herdenking laten zijn. Voorgegaan door u en aanwezigheid van zoveel bestuurders van gemeenten in deze provincie. Om dan ook op deze plek met de ambtsketen van deze stad een paar woorden te mogen zeggen, mede namens hen, gericht aan u. En u zijn de mensen met geschiedenis, met herinnering met zoveel beleving bij wat er in de geschiedenis is gebeurd op dat ‘oude land’ en dat zeg ik dan hier op dit nieuwe land. Echt heel nieuw. Ik heb toevallig in mijn vakantie het boek van Eva Vriend over ‘het nieuwe land’ gelezen. Het gaat dus over de geschiedenis leren begrijpen. 

Dat is het thema van deze herdenking. Vandaag meer dan 80 jaar nadat de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog in voormalig Nederlands-Indië en de daaropvolgende onafhankelijkheidsstrijd een aanvang nam. 

Let wel: wat mij betreft is begrijpen, de geschiedenis leren ‘begrijpen’ niet hetzelfde ‘begrip opbrengen’. Begrip voor de gruwelijkheden van de Japanse bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië ? Dat begrip dat kan ik niet opbrengen. Die gruwelijkheden die hebben generaties lang impact gehad. En hebben dat nog steeds. 

Daarmee verwijs ik ook naar de gruwelijkheden in de periode daarna, aansluitend op de Tweede Wereldoorlog, de Indonesische strijd om onafhankelijkheid. De Commissaris van de Koning zei het zo mooi; het einde van de Tweede Oorlog dat was niet het einde van het verdriet. Oud-premier Rutte heeft daar in 2022 excuses voor gemaakt. Zoals hij toen zei: “Voor het stelselmatig en wijdverbreide extreme geweld tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog.”

De eerste generatie die al die gruwelijkheden zelf meemaakte, die wordt steeds kleiner. En vaak waren deze mensen ook niet in staat om te vertellen wat ze hadden meegemaakt. Zoals de veteranen die bij thuiskomst hun dierbaren niet met hun ervaringen wilden of konden confronteren. Denk ook aan de Indische mensen die eenmaal in Nederland in de contractpensions er het zwijgen toe deden. We spreken niet voor niets nog over ‘Indisch zwijgen’. Waar heel recent nog een artikel in de NRC wat ons het denken zette: “was het ook niet Hollands zwijgen”. Waren we niet eigenlijk niet Oost-Indisch doof voor wat mensen zeiden en of wilden vertellen. 

Maar veel mensen afkomstig uit dat Indische gebied vroegen zich af ‘wat heeft het voor zin om te vertellen wat we hebben moeten doorstaan’? We kunnen er toch niets meer aan doen’. Dat was de algemene reactie. Het zit in de volksaard van de mensen uit Nederlands-Indië. Van velen van u hier aanwezig.

Meneer Landegent, bewoner van Rumah Melati hier in Almere, is afkomstig uit een Indische familie en vandaag aanwezig. Meneer Landegent, u herkent dit. Ik mag een paar persoonlijke kenmerken van zijn familiegeschiedenis in deze toespraak met u delen.  

Meneer Barry Landegent werd in 1948 geboren in Soerabaja. Uw Indische vader diende bij het Korps Mariniers, vocht tegen de Japanse bezetter en nam later deel aan de Politionele Acties tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog. U omschrijft uzelf als “een kind van een marinier die zijn land verloren heeft”. 

Uw vader was getraumatiseerd door de oorlog. Maar de liefde voor zijn land bleef. Hij draaide toen hij in Nederland woonde elke dag Indonesische muziek, Krontjong. Het bracht hem troost en een gevoel van thuis, zo ver weg van zijn geliefde thuisland. Hij was een rustige man, maar af en toe kwam alles bij hem weer naar boven. Er volgden dan uitbarstingen. Hij wist zich eigenlijk geen raad met zijn herinneringen. Hij vertelde weinig over wat hij had meegemaakt, maar de herinneringen waren er altijd. Aan het einde van zijn leven - meneer Landegent - kreeg u van zijn arts te horen “Uw vader moet wel veel hebben meegemaakt’’. 

Ook uw moeder had in de oorlogsjaren - zo’n beetje de hele jaren 40 van de vorige eeuw - veel ellende te doorstaan. Toen het gezin Landegent in 1951 naar Nederland vertrok werd haar hele familie uit elkaar gerukt. Ze zag de meeste familieleden pas weer terug in de jaren ‘60. 

Meneer Landegent, uw ouders bleven altijd terugdenken aan hun mooie tijd in Indië. Zij hebben u ‘Indisch’ met de paplepel ingegoten. En trouwens - hoe bijzonder - u koos zelf ook voor een militaire carrière. Naar het voorbeeld van uw vader, maar dan bij de luchtmacht. 

De band met uw geboorteland is nog steeds heel sterk. Toen u voor het eerst weer terugkeerde naar Indonesië en in Soerabaja het vliegtuig uitstapte, toen voelde dat - zo heb ik mij laten vertellen - als thuiskomen.

Beste mensen, de geschiedenis leren begrijpen - het thema van deze herdenking. Dat doen we door elkaar verhalen te vertellen. Of beter: verhalen dóór te vertellen. Zoals het verhaal van de familie Landegent. Misschien tegen de Indische volksaard in. Daar kunnen we nieuwe generaties goed bij gebruiken. Sterker nog, die hebben we heel hard nodig. Tweede, derde, vierde en ook al vijfde generaties. 

Gelukkig is er een toenemend aantal jonge mensen dat het koloniale verleden van ons land beter wil begrijpen. En daarmee het drama van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië, en het meervoudige verdriet van de onafhankelijkheidsoorlog die daarop volgde ook wil doorvertellen. Geen begrip. Wel leren begrijpen.

Lieve meiden en jongens van die nieuwe generaties, jonge inwoners van Almere en Flevoland, fijn dat jullie er zijn vandaag. Blijf alsjeblieft komen naar deze herdenking. Net zoals meneer Landegent hier al jaren aanwezig is. 

Om de gruwelijkheden van toen… nooit te vergeten.

Illustratie Almere skyline
Geef jouw mening